Probleem drugsdumpingen lijkt minder groot dan gevreesd

20161122 drugsdinsdag 22 november 2016

Vorige maand stelden wij schriftelijke vragen aan het college van Gedeputeerde Staten over het toenemende aantal dumpingen van drugsafval.

Begin oktober werden in Hollandse Hout in Lelystad 50 zakken met wietafval gevonden en een week later werd er een aantal vaten met chemisch drugsafval aangetroffen in het Reve-Abbertbos bij Dronten. We wilden door het stellen van vragen inzichtelijk krijgen wat precies de aard en omvang is van het probleem.

Het college heeft bij de beantwoording van onze vragen onderscheid gemaakt tussen synthetische drugs (XTC, speed) en wiet; dit laatste bevat geen gevaarlijke stoffen en kan eenvoudiger worden verwijderd. Daarom richt het college zich vooral op afval van de eerste categorie. Dit is in de afgelopen jaren weinig aangetroffen en er is geen toename of verplaatsing van het probleem te zien. Bovendien is er een subsidieregeling die voorziet in een vergoeding van 50% van de gemaakte kosten voor grondeigenaren die synthetische drugs moeten opruimen. Waar het gaat om wietafval wordt dit behandeld zoals overig afval; dit valt onder de verantwoordelijkheid van politie en gemeenten. Hiermee is het onderwerp voor het college voldoende behandeld.

Wij zijn blij met de informatie die we hebben gekregen van het college. Dit neemt onze zorgen echter niet geheel weg. Wij vinden iedere dumping onacceptabel en willen graag aandacht blijven vragen voor dit maatschappelijke probleem. Onze natuur verdient het om beschermd te worden en daar passen afvaldumpingen, van welke aard dan ook, niet bij. Wij zullen ons op deze antwoorden bezinnen en indien nodig een vervolg geven aan dit onderwerp.

De gestelde vragen en de beantwoording van het college vindt u hier

« Terug

Archief > 2016 > november

Geen berichten gevonden