Voldoen aan minimale eisen is niet genoeg voor aanpak mensenhandel

20180110 CoMenshadinsdag 16 januari 2018 11:05

De provincie moet niet tevreden zijn wanneer is voldaan aan de minimale wettelijke kerntaken als het gaat om mensenhandel, maar zou moeten zoeken naar maximale mogelijkheden om dit probleem te benoemen, onder de aandacht te brengen en waar mogelijk aan te pakken.

In antwoord op onze vragen n.a.v. de mensenhandelproblematiek in Flevoland stelt het college dat bestrijden van mensenhandel een taak is voor gemeenten en dat er geen rol voor de provincie is weggelegd. Ook zegt het college niet over de gevraagde informatie, zoals aantallen, te beschikken en blijkbaar is het ook niet bereid deze informatie op te zoeken.

Wij weten uiteraard dat de gemeenten, en Almere als aangewezen centrumgemeente in de eerste plaats, verantwoordelijk zijn voor de aanpak van mensenhandel. We spreken hier echter over een zo groot en complex probleem dat wij van mening zijn dat hier bovenregionale coördinatie nodig is. Deze mening hebben wij niet alleen, ook CoMensha (het landelijke onafhankelijke expertise- en coördinatiecentrum tegen mensenhandel) ziet een rol voor de provincies. Te denken valt dan bijvoorbeeld aan een ‘aanjaagfunctie’. Ook is de provincie convenantpartner van het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertisecentrum dat overheden ondersteunt bij het bestrijden van georganiseerde criminaliteit en ondermijning) en heeft als zodanig dus wel degelijk een rol.

Tijdens ons bezoek aan CoMensha, samen met ChristenUnievertegenwoordigers uit de Flevolandse gemeenten, is ons de urgentie en omvang van mensenhandel, óók in Flevoland, nog extra duidelijk geworden. Het aanstellen van een zorgcoördinator door de gemeente Almere moet beslist prioriteit hebben. We zijn blij dat het college heeft toegezegd dit onderwerp in ieder geval bij de gemeente te benoemen. Ook zijn we erg blij met de overeenstemming van de Vereniging Nederlandse Gemeenten, waarin de burgemeesters hebben afgesproken het advies van de commissie Lenferink over te nemen, waarin staat dat er een landelijk dekkend netwerk van zorgcoördinatoren moet komen.

Eén van de moeilijkheden bij het bestrijden van mensenhandel is het ontbreken van voldoende gegevens. Cijfers mogen niet in de eerste plaats ons uitgangspunt zijn, maar wat niet is geregistreerd kan ook niet worden aangepakt. Er zijn wel cijfers van mensenhandel, maar deze tonen niet meer dan het topje van de ijsberg. Een zorgcoördinator zal een belangrijke functie vervullen als het gaat om het registreren van gevallen van mensenhandel, zodat er veel meer criminaliteit kan worden bestreden en mensen kunnen worden geholpen.

Bij al het spreken over verantwoordelijkheden, bevoegdheden, bedragen en cijfers mogen we niet uit het oog verliezen waar het om gaat: het onnoemelijke leed dat mensen wordt aangedaan. Daartegen willen wij opstaan en we nodigen het college van harte uit hier met ons over na te denken. Ieder slachtoffer van mensenhandel is er één te veel!

« Terug