Verkiezingsprogramma 2015-2019

1.0 INLEIDING

1.1 Resultaten 2011-2015

In de afgelopen vier jaar is de ChristenUnie in Flevoland (mede) verantwoordelijk geweest voor het bestuur van Flevoland. We zijn dankbaar voor het werk dat we hebben mogen doen en de zegen die we op ons werk hebben gekregen. In het coalitieprogramma Flevoland Zelfstandig en Uniek maakten we afspraken met onze coalitiegenoten en konden we al belangrijke successen bereiken. Daarnaast heeft de Statenfractie ook eigen initiatieven genomen om de ambities uit het ChristenUnie-verkiezingsprogramma 2011-2015 te realiseren. Het was een periode die gekenmerkt werd door forse bezuinigingen en een nieuwe, veranderende rol voor de provincie. Taken op gebied van bijvoorbeeld welzijn, zorg, onderwijs, sport en cultuur zijn waar mogelijk afgebouwd en er moesten ook moeilijke keuzes gemaakt worden over het beëindigen van taken. De ChristenUnie heeft daarbij willen zorgen voor een goede overgangsperiode en een warme en verantwoorde overdracht.

Zonder compleet te zijn willen we als resultaten uit de periode 2011-2015 verder de volgende onderwerpen noemen:

Rond het speerpunt Duurzame Ontwikkeling is bereikt dat duurzaamheid integraal onderdeel van het provinciaal beleid is. Als concrete ambitie is vastgelegd dat Flevoland in 2020 energieneutraal wil zijn en we liggen op koers. De oprichting van een provinciale Duurzame Energie-onderneming (DE-on) is afgerond. Ook in het economisch beleid is volop ruimte gevonden voor duurzame initiatieven, bijvoorbeeld met projecten in de visserijsector. Ook in ander opzicht is geïnvesteerd in een duurzame ontwikkeling: de provinciale financiën zijn in de afgelopen jaren weer op orde gekomen en de provinciale motorrijtuigenbelasting werd niet verhoogd.

Met het speerpunt Samen in Flevoland wilde de ChristenUnie de samenhang tussen de steden, dorpen en het landelijk gebied versterken. Stad en platteland kunnen veel voor elkaar betekenen en de rol van de provincie is meer afgestemd op wat we kunnen bijdragen. Het plan voor Oostvaarderswold werd ingeruild voor een aantrekkelijk programma Nieuwe Natuur, waarvan de uitvoering de komende jaren zijn beslag zal krijgen. Natuurontwikkeling is belangrijk, maar natuur moet ook toegankelijk en beleefbaar zijn. Agrariërs kunnen een belangrijke rol vervullen bij het beheer van natuur. Met de investeringsprogramma’s is zowel in de grote steden als in de landelijke gemeenten geïnvesteerd. Samen met de gemeenten Noordoostpolder en Urk werden projecten voor versterking en verbreding van de economie opgezet. De komst van de Floriade biedt kansen voor heel Flevoland, en in het bijzonder voor de ontwikkeling van  Almere, de tuinbouwsector en andere bedrijven.

Flevoland is nog niet af. Hoewel de provincie zich minder met taken van de gemeenten is gaan bemoeien, is zeker ook gewerkt aan versterking van het voorzieningenaanbod. Daarmee willen we Groeien in kwaliteit.  Niet alleen het aanbod, maar ook de kwaliteit en bereikbaarheid van deze voorzieningen zijn belangrijk. Voor het openbaar vervoer betekent dit dat de ChristenUnie zich heeft ingezet voor behoud van buslijnen in het buitengebied en tussen de Flevolandse kernen. Samen met het CDA werd een pamflet opgesteld met aandachtspunten voor de overdracht; aan de hand hiervan kan de feitelijke transitie gevolgd en beoordeeld worden. Dankzij de inzet van de ChristenUnie kan binnenkort een start gemaakt worden met herstel van het historisch waardevolle palenscherm op Urk.

1.2 Visie en werkwijze

Wij willen dat het provinciebestuur zich inzet voor een provinciale samenleving waarin beheer en ontwikkeling van schepping en samenleving tot Gods eer centraal staan. De provincie investeert in een sterke regionale economie, zodat iedereen in de gelegenheid wordt gesteld zijn talenten te ontwikkelen en een bestaan op te bouwen. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is duurzaamheid met betrekking tot de schepping, waarbij een goede afweging plaatsvindt tussen landschappelijke waarden, natuur en de positie van landbouwers. Het provinciebestuur opereert waar mogelijk in samenwerking met andere provincies, gemeenten, maatschappelijke instellingen en het bedrijfsleven.

De politiek waar de ChristenUnie voor wil staan, staat in het teken van dienstbaarheid. Dit geldt ook voor de wijze waarop politici van de ChristenUnie hun politieke handelen willen invullen. Wij willen God dienen in deze wereld naar het bijbelse dubbelgebod van de liefde: God liefhebben boven alles en de naaste als jezelf. De vertegenwoordigers van de ChristenUnie willen vanuit dit geloof invloed uitoefenen op het bestuur van Flevoland en in de samenleving. We willen dat de overheid de geestelijke en politieke vrijheden waarborgt. 

Van die vrijheden willen we gebruikmaken om onze christelijke overtuiging in de politiek en in de maatschappij uit te dragen. Een overheid die Gods geboden in praktijk brengt dient het welzijn van de samenleving. Vanuit dit vertrouwen zoeken wij gedreven naar de steun van allen die met ons deze politiek willen steunen en bevorderen. Wij zijn er van overtuigd dat de normen en geboden van God goed zijn voor de samenleving. Daarom hebben wij als doel een politiek te bevorderen waarin de samenleving geregeerd wordt door een overheid die zorgt voor goede wetten en regelgeving, zodat de schepping tot haar recht kan komen, onrecht wordt gekeerd, de zwakken worden geholpen en alles in goede orde toegaat.

De ChristenUnie bedrijft politiek bij een open Bijbel en we willen onze politieke keuzes maken als navolgers van Jezus Christus. Dat leidt tot een politiek van dienstbaarheid aan de samenleving en verdediging van geestelijke en politieke vrijheden, opkomen voor het gezin, voor kwetsbaren, eerbied voor het leven, vrijheid van onderwijs en een keus voor duurzaamheid. Wij geloven dat in de dienst aan God en de dienst aan de naaste iets opbloeit van het goede leven. De mens staat niet op zichzelf en kan niet alles zelf bepalen. Het is juist andersom: mensen komen pas tot bloei wanneer zij zich verantwoordelijk voelen, zorg dragen voor elkaar en respectvol met elkaar omgaan. Vanuit het besef dat mensen in de samenleving aan elkaar gegeven zijn, mogen we samen werken aan een gezond en bloeiend leefklimaat.

De ChristenUnie wil dat de provincie betrokken is bij onze samenleving. Daarom zetten wij ons in voor een slagvaardig, transparant, open en klantgericht opererend bestuur dat actief de communicatie zoekt met burgers en onze partners (besturen van gemeentes en het waterschap, maatschappelijke instellingen, bedrijfsleven en vele anderen) en hen in een vroeg stadium betrekt bij besluiten. In de politiek moeten duidelijke keuzes gemaakt worden. Wij zullen dat steeds met een warm hart voor mens en samenleving doen. Wij streven naar een dienstbare overheid die betrokken is op de leefomgeving, en naar een bloeiende samenleving waarin iedereen kan meedoen!

1.3 Taakopvatting

De provincie heeft een aantal wettelijke taken die zich vooral richten op ruimte, economie en de wisselwerking tussen beide in het omgevingsbeleid. Ook cultuur hoort tot de kerntaken waar dit de lokale belangen overstijgt. Wat de ChristenUnie betreft is het goed dat de provincie Flevoland terughoudend is in het uitbreiden van het wettelijke takenpakket, maar moet de mogelijkheid tot autonoom beleid wel blijven bestaan. De basisgedachte is dat een taak het beste zo dicht mogelijk bij de burger kan worden uitgevoerd.

In de gedachtegang dat een taak het beste zo dicht mogelijk bij de burger wordt uitgevoerd past dat het sociaal beleid in de eerste plaats thuishoort bij de gemeente, en niet bij de provincie. De taken op het gebied van de Jeugdzorg worden in 2015 naar gemeenten gedecentraliseerd. Hiermee gaan bijna alle wettelijke taken binnen het programma sociaal beleid en zorg over naar de gemeenten. Op provinciaal niveau hecht de ChristenUnie eraan dat de provincie zich in de eerste plaats focust op het ruimtelijk-economisch domein, maar dat ze ruimte houdt voor eigen beleidsaccenten op het sociale domein. Dit beleidsaccent kan ze vormgeven door de sociale component terug te laten komen in de verschillende wettelijke beleidsterreinen, en waar nodig en mogelijk, beleid te ontwikkelen op het gebied van steunfunctiewerk en ondersteunende maatschappelijke organisaties.

Burgers kunnen een beroep doen op de overheid als hun veiligheid of bestaanszekerheid in het geding is. De overheid doet wat de burger zelf niet tot stand kan brengen, terwijl het toch noodzakelijk is voor het goed functioneren van de samenleving. De ChristenUnie kiest dus voor een beperkte overheid, die zich opstelt als bondgenoot van burgers. Een overheid die mensen in moeilijkheden op weg helpt. Daarna komt pas de rol van de overheid als beslisser en afdwinger. Wij vinden het belangrijk dat één bestuurslaag verantwoordelijk is voor de uitvoering van een taak.

1.4 Bestuurlijke verhoudingen

De overheid is er ten dienste van de burgers. Verdeling van verantwoordelijkheden tussen de verschillende overheden heeft tot doel om de taken ten behoeve van het bestuur van het land te optimaliseren en zo recht en gerechtigheid voor de burgers te bevorderen. De ChristenUnie wil dat dit uitgangspunt de basis is voor de samenwerking met gemeenten en de inzet van de financiële middelen.

De ChristenUnie is voorstander van een heldere bestuurlijke organisatie. Het moet voor burgers duidelijk zijn welk bestuur verantwoordelijk is voor taken die door de overheid uitgevoerd worden. De kracht van de provinciale overheid zit in de mogelijkheid om op regionaal niveau een verbinding te vormen tussen rijk en gemeenten. Voor dat doel zijn de schaal en de specifieke identiteit van de provincies van belang.

1.5 Bestuursstijl

De ChristenUnie wil dat de overheid luisterend, samenwerkend, verbindend en integer is. Het provinciebestuur is het meest effectief wanneer zij samenwerkt met andere partijen. Belangrijk hierin zijn de gemeenten, het Rijk, het Waterschap, maatschappelijke organisaties, het bedrijfsleven en het onderwijs. Het belang van samenwerking vraagt om een houding die samenwerking bevordert. Het betekent ook dat de provincie vaak zal participeren in netwerken om haar doelen te bereiken. Dit vraagt om transparantie en integriteit ten opzichte van de inzet en de te bereiken doelen. Het vraagt ook om een duidelijke rolverdeling tussen het college van Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten.

naar boven

2.0 FLEVOLANDSE OPGAVE

In dit programma is vastgelegd welke keuzes de ChristenUnie in Flevoland maakt en voor welke onderwerpen de ChristenUnie zich in de periode 2015-2019 in het bijzonder in wil zetten. Als ‘nieuw land’ is het grootste deel van de provincie door mensenhand gevormd; sinds de inpoldering zijn keuzes gemaakt over inrichting van ons landschap, de inrichting van steden en dorpen, de inrichting van onze samenleving. Flevoland is nog niet af, ook in de komende jaren moeten besluiten genomen worden over de inrichting en het gebruik van onze polders en het perspectief dat wij daarmee aan onze inwoners, bedrijven en bezoekers bieden.

2.1 Volop ontwikkeling

De provincie Flevoland blijft zich in hoog tempo ontwikkelen. De groei van Almere, Luchthaven Lelystad en de inrichting van het Markermeer en IJmeer zijn projecten van nationaal belang en zullen ook in de komende periode veel aandacht van de provincie Flevoland vragen. Binnen Flevoland geldt hetzelfde voor de ontwikkeling van Noord- en Oost Flevoland, waar extra (economische) impulsen nodig zijn voor behoud van leefbaarheid en voorzieningen. De meerzijdige oriëntatie van Flevoland biedt kansen voor de samenwerking met de Randstad, maar ook tussen Flevoland en de Veluwe, Zwolle/Kampen en Friesland. Ook andere ontwikkelingen komen op ons af, bijvoorbeeld klimaatverandering, economische ontwikkelingen of schaalvergroting in de landbouw. Ontwikkelingen die om een reactie vragen van de overheid: hoe hier mee om te gaan, hoe te (be)sturen.

2.2 Groeien in kwaliteit

De ChristenUnie kiest voor een economische ontwikkeling die hand in hand gaat met duurzaamheid en sociale rechtvaardigheid. In onze provincie is letterlijk ruimte om knelpunten van buiten Flevoland op te lossen. Voorwaarde daarbij is wel dat Flevoland de kans krijgt om ook in kwaliteit te groeien. Kwaliteit in de vorm van voorzieningen (onderwijs, zorg, veiligheid), kwaliteit in de vorm van bereikbaarheid (infrastructuur, openbaar vervoer) en kwaliteit in de vorm van vitaliteit (werkgelegenheid, natuurontwikkeling). Dit betekent dat Flevoland afspraken met het Rijk en omringende regio’s maakt op basis van ‘gelijk oversteken’. Voor de relatie met het Rijk betekent dit ook dat de financiering van opgaven geregeld moet zijn voor we tot zaken komen. Voor de relatie met de omringende regio’s betekent dit dat er een gedeelde verantwoordelijkheid gevoeld moet worden voor de ontwikkelingsopgave van Flevoland.

2.3 Toegevoegde waarde

De ontwikkeling van zuid Flevoland kent een grote dynamiek en vraagt veel inzet van het provinciaal bestuur. Meer nog dan het stedelijk gebied vragen ook de dorpen en het landelijk gebied aandacht van de provincie. Daar waar als gevolg van de dynamiek ontwikkelingen rond Almere en Lelystad haast vanzelf lijken te gaan, is voor de andere delen van Flevoland soms een extra zetje nodig om zaken in beweging te krijgen. De provincie kan daarbij -in goed overleg met de betreffende gemeente-  een belangrijke ondersteunende rol spelen. Voor de ChristenUnie is de provincie een actief ondersteunende en faciliterende partner. Door de enorme ontwikkelingen in- en rond Almere en Lelystad lijkt het soms alsof de kleinere gemeentes minder aandacht krijgen; de ChristenUnie zet zich in voor een provincie die niet te klein is voor het grote, en niet te groot voor het kleine. De rol en het samenspel met de betreffende gemeente mag dan ook verschillend zijn. Bij dit maatwerk zal de provincie altijd haar toegevoegde waarde voor ogen moeten houden en moeten bewijzen.

2.4 Bestuurlijke structuur

Sinds de oprichting van Flevoland wordt er getornd aan het bestaansrecht van provincies in het algemeen en de positie van Flevoland in het bijzonder. De ChristenUnie wil deze discussie niet voeren vanuit de gedachte dat er bezuinigd moet worden op de kosten van het bestuur (hoewel wij niet tegen efficiencyverbetering van het bestuur zijn), maar wil deze discussie voeren vanuit de vraag welke overheid burgers nodig hebben. Dit vertrekpunt leidt ook tot vragen over het samenspel tussen gemeente, provincie en Rijk. De ChristenUnie kiest ervoor om taken daar neer te leggen waar de burger het meest mee gediend is; voor veel taken (zoals zorg en welzijn) zal dit bij de gemeente zijn. Andere, meer regionale taken als infrastructuur en mobiliteit, economie en natuurontwikkeling horen bij de provincie. Wij vinden het belangrijk dat de provincie Flevoland daar waar mogelijk samenwerkt met andere provincies en daarvoor samenwerking ook als een kans ziet. Als het voor de regionale taken aantoonbaar beter is om dat in een andere structuur dan de huidige twaalf provincies te doen is dat voor de ChristenUnie bespreekbaar. Een eventueel nieuw voorstel voor bestuurlijke herindeling van provincies zal door de ChristenUnie beoordeeld worden op visie (waarom), taken (wat) en de gevolgen voor de inwoners van Flevoland.

Op het moment dat de indeling van provincies ter discussie staat wordt voor de ChristenUnie ook de ondeelbaarheid van Flevoland bespreekbaar. In de huidige structuur vormt de ontwikkelingsopgave van het Flevolands grondgebied een belangrijke samenbindende factor voor de zes Flevolandse gemeentes, maar bij een eventuele bestuurlijke herindeling van provincies wil de ChristenUnie per gemeente bezien welke consequenties dit heeft. Immers, we zijn op zoek naar een structuur die optimaal past bij de burger en de dienstbare overheid die we willen en moeten zijn.

2.5 Almere

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat Almere zich volgens de uitvoeringsovereenkomst Almere 2.0 kan ontwikkelen tot een volwaardige stad. Bij een volwaardige stad horen vooral ook voorzieningen, dus deze moeten minstens gelijke tred houden met de groei.  Via het Fonds Verstedelijking Almere zal de provincie bijdragen aan de ontwikkeling van Almere, de ChristenUnie vindt het belangrijk dat de provincie daarbij zelf zeggenschap houdt over de ontwikkelingen waarvoor de provinciale middelen worden ingezet. We vinden het ook belangrijk dat investeringen door de provincie in Almere niet alleen bijdragen aan de ontwikkeling van de stad, maar dat alle Flevolanders hiervan kunnen profiteren.

De komst van de Floriade brengt nieuwe mogelijkheden voor zowel de stedelijke ontwikkeling van Almere als het vermarkten van de Flevolandse toppositie in de tuinbouw. Juist de provincie kan verbindingen leggen tussen Flevolandse regio’s en economische sectoren. Het is belangrijk dat de economische kansen verzilverd worden, zonder daarbij de risico’s uit het oog te verliezen. De ChristenUnie wil daarom dat de provincie zich richt op het bijeenbrengen van de tuinbouwsector, ondernemers en kennisinstellingen zodat  heel Flevoland daarmee maximaal kan profiteren van de economische spin-off.

2.6 Markermeer - IJmeer

Samen met het Rijk en de andere provincies wordt geïnvesteerd in de ecologische en economische kwaliteiten van het Markermeer en IJmeer. De ChristenUnie vindt dit  belangrijk, maar wil wel dat ecologie en gebruik waar mogelijk hand-in-hand gaan. Natuurontwikkeling mag daarom gecombineerd worden met recreatief gebruik; verbetering van de waterkwaliteit en instandhouding van de beroepsvisserij moeten elkaar ook niet uitsluiten. Onder voorwaarde van een goede ruimtelijke inpassing is de ChristenUnie ook voorstander van een rechtstreekse verbinding tussen Almere en Amsterdam.

2.7 Lelystad Airport

De ChristenUnie steunt de geplande uitbreiding van Lelystad Airport, maar vindt wel dat een uitbreiding aan voorwaarden moet voldoen. Zo moeten de infrastructuur en het openbaar vervoer om en naar het vliegveld verbeterd worden, moet de uitbreiding met substantiële groei van werkgelegenheid gepaard gaan en mogen er geen nachtvluchten plaatsvinden. Wij willen dat voor de ontwikkeling gebruik gemaakt wordt van de modernste technieken op gebied van veiligheid en het voorkomen van overlast. Duurzame technieken moeten worden toegepast en overlast moet tot een minimum beperkt worden door niet over stedelijke gebieden te vliegen. Er dient snel luchtverkeersleiding te komen.

Om de verwachte werkgelegenheidsgroei mogelijk te maken is het nabijgelegen bedrijventerrein belangrijk. Via OMALA is de provincie Flevoland mede-ontwikkelaar van dit terrein. De ChristenUnie vindt het belangrijk dat dit bedrijventerrein gebruikt wordt voor innovatieve bedrijvigheid.

2.8 Flevokust

De ontwikkeling van een haven en een bedrijventerrein ten noorden van Lelystad zijn belangrijk voor versterking van de economische structuur. De Flevolandse economie bestaat voor een groot deel uit verzorgende werkgelegenheid (dienstverlening) en mkb-bedrijven. De ChristenUnie is erg blij met deze bedrijven, maar er moet ook ruimte zijn voor bedrijven in stuwende sectoren (industrie) en werkgelegenheid voor lager opgeleiden. Flevokust is één van de locaties waar dit gerealiseerd kan worden. Wij verwachten van de ontwikkelende partijen dat de nieuwste technieken worden toegepast om Flevokust voor mens en milieu duurzaam te ontwikkelen.

2.9 Noord Flevoland

De provincie helpt de gemeenten Noordoostpolder en Urk in de verdere economische ontwikkeling. Veranderingen in het gebied (zoals een afname van de werkgelegenheid in de agrarische sector en visserij) maken een nieuwe economische impuls noodzakelijk. De ChristenUnie kiest daarbij voor een dubbele inzet: versterking van visserij en landbouw, maar ook ruimte voor nieuwe economische activiteiten. De ontwikkeling van een nieuwe servicehaven bij Urk en de bijbehorende maritieme werkgelegenheid past hier goed bij; de ChristenUnie wil dat de provincie daar een actieve bijdrage aan levert. Dit gaat samen met verhoging van de kwaliteit van de woon- en werkomgeving. De ChristenUnie wil dat het investeringsprogramma voor versterking van de regionale economie wordt voortgezet.

2.10 Nieuwe Natuur

Het programma Nieuwe Natuur geeft nieuwe kansen. De betrokkenheid van inwoners en maatschappelijke organisaties is voor de ChristenUnie belangrijk, omdat draagvlak een belangrijke voorwaarde voor natuurontwikkeling moet zijn. De ChristenUnie let bij de beoordeling van projecten verder ook op de relatie met de (agrarische) omgeving, de toegankelijkheid voor recreanten en daarmee ook de betekenis van natuur voor de inwoners van onze steden en dorpen. In de komende jaren zullen de projecten in het programma Nieuwe Natuur worden uitgevoerd. Naast nieuwe natuur vindt de ChristenUnie ook het beheer en de doorontwikkeling van bestaande natuurgebieden belangrijk.

2.11 Vitaal platteland

Voorzieningen in het landelijk gebied staan onder druk en daarmee is de leefbaarheid van de dorpen en het buitengebied in het geding. Met bijvoorbeeld gerichte economische stimulering, het in stand houden van openbaar vervoer, functieverandering voor vrijkomende agrarische gebouwen of het bevorderen van digitale ontsluiting heeft de provincie de mogelijkheid om leefbaarheid positief te beïnvloeden. Ook kan de provincie via de contacten met het Rijk en Europa invloed uitoefenen op het beleid dat daar gemaakt wordt, bijvoorbeeld voor het voortbestaan van kleine scholen of het stimuleren van innovatie in de agrarische sector. Wij vinden het belangrijk dat het provinciebestuur gebruik maakt van deze mogelijkheden om zo bij te dragen aan een vitaal platteland.

naar boven

3.0 RUIMTE EN WATER

3.1 Ruimtelijk beleid en volkshuisvesting

Het provinciebestuur neemt met betrekking tot planning en inrichting van de fysieke ruimte een cruciale positie in. Met behulp van ruimtelijke plannen, verordeningen, het provinciale omgevingsplan en door middel van handhaving (toezicht op het gemeentelijk beleid) kan actief worden gestuurd.

In haar ruimtelijk beleid hanteert de provincie duurzaamheid en sociale en ruimtelijke kwaliteit als uitgangspunt. Ook draagt de provincie zorg voor afstemming tussen gemeenten, zodat hiaten en overlap zoveel mogelijk worden voorkomen.

De ChristenUnie wil dat de overheid niet op de stoel van ondernemers gaat zitten, maar dat zij het hen mogelijk maakt om te kunnen ondernemen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het bewaken van de scheiding tussen stedelijk en landelijk gebied. Het landelijk gebied is niet zondermeer beschikbaar voor grote, publiek aantrekkende functies.
  2. Een beperking van overcapaciteit van bedrijvenlocaties en zorgvuldig ruimtegebruik.
  3. Een provincie die voorkomt dat gemeenten met elkaar concurreren bij de realisatie van kantoren en bedrijventerreinen. Bouwen voor de leegstand moet worden voorkomen. De ChristenUnie kiest voor het opknappen en herstructureren van verouderde bedrijventerreinen waarbij de grond efficiënter wordt gebruikt.
  4. Een provinciebestuur dat meewerkt aan de herbestemming van structurele leegstaande kantoorpanden tot woonruimte of het gebruik van lege panden voor maatschappelijke doeleinden.
  5. Ruimtelijke functies die primair ingericht worden op een goede bereikbaarheid per openbaar vervoer.
  6. Het stimuleren van innovatief en duurzaam bouwen.
  7. Het uitdagen van ondernemers om met hun initiatieven bij te dragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit.

3.2 Leefbaarheid

De ChristenUnie pleit voor een integrale aanpak van het landelijk gebied. Oog voor leefbaarheid op het platteland, en dus ook in kleine kernen en dorpen is van groot belang voor een vitaal platteland. Dit geldt ook voor de leefbaarheid in en om wijken van steden en verstedelijkte gebieden: ook daar is een integrale aanpak het beste voor de leefbaarheid.

Voorzieningen dienen afgestemd te worden op ontwikkeling van de kernen.

Burgerparticipatie in ontwikkel- en uitvoeringsprocessen biedt veel kansen voor een integrale aanpak van meestal ingewikkelde vraagstukken.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die een actief beleid voert om gemeenten en burgers bij het leefbaar houden van kleine kernen te betrekken en hen een medebepalende rol te geven.
  2. Samenwerking tussen stedelijke- en landelijke delen van de provincie: geen tegenstelling!
  3. Het afstemmen van het voorzieningenniveau op de ontwikkeling van de kernen.
  4. Het betrekken van leefbaarheidsvraagstukken bij andere onderwerpen, zoals bijvoorbeeld regionaal openbaar vervoer en economische ontwikkeling.

3.3 Water

Water is van levensbelang voor mensen, dieren en planten. Een teveel of een tekort aan water vormt al gauw een bedreiging. De ChristenUnie wil dat Nederland een veilig land is en ondersteunt daarom voluit het werk in het deltaprogramma waarin de overheden samenwerken aan het vergroten van de veiligheid.

De eerstverantwoordelijke voor het waterbeheer en de waterkwaliteit is het waterschap Zuiderzeeland. Het waterschap is een democratisch gekozen orgaan en heeft daarom een grote zelfstandigheid. De provincie ziet vanuit haar wettelijke taak toe op het functioneren van het waterschap en stelt de doelstellingen voor het waterbeheer vast. De ChristenUnie vindt het belangrijk dat waterschapstaken door een eigen bestuur worden afgewogen.

De ChristenUnie huldigt het concept Meerlaagse Veiligheid. In samenwerking met de waterschappen werken we aan goede dijken, aan goede ruimtelijke ordening en ook aan goede rampen- en evacuatieplannen. Wij willen daarom dat in de ruimtelijke ordening rekening wordt gehouden met waterveiligheid.

De provincie betrekt het waterschap bij het maken van plannen en het aanleggen van wegen.

Een goed waterbeheer is voor de landbouw van groot belang. Een goede waterkwaliteit gericht op de behoeften van de traditionele gewassen en bijzondere teelten is een voorwaarde voor een hogere opbrengst en een kwaliteitsverbetering van de gewassen. Voorts zijn meer hoogwaardige teelten mogelijk. Het creëren van schone en ecologisch gezonde watersystemen vereist veel aandacht van de provincie en waterschappen. Het automatisme van 'peil volgt functie' wordt vervangen door het streven naar grote peilvakken, waarin het uitgangspunt 'functie volgt peil' geldt.

De ChristenUnie wil terughoudend omgaan met het ontwikkelen van buitendijkse bouwlocaties.

De landelijke discussie over het peil in het IJsselmeer en Markermeer is belangrijk voor Flevoland, evenals de bypass van de IJssel die in de randmeren uitmondt. Omdat deze ontwikkelingen van invloed zijn op het waterbeheer in Flevoland doet de provincie als volwaardig gesprekspartner mee en worden inwoners van Flevoland actief betrokken en geïnformeerd over de plannen.

Het creëren van schone en ecologisch gezonde watersystemen vereist veel aandacht van de provincie en waterschappen. De provincie moet de komende jaren verder werken aan het invoeren van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW).

De ChristenUnie kiest voor:

  1. goede samenwerking tussen provincie, waterschap en gemeente
  2. waterberging volgens het principe: eerst vasthouden en bergen, daarna afvoeren
  3. een belangrijke rol voor water in de ruimtelijke ordening, waarbij elke ontwikkeling de eigen wateropvang dient te regelen
  4. Goede afstemming met gemeenten en waterschappen bij de planning van nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen.
  5. wateropvang daar waar mogelijk combineren met natuurontwikkeling
  6. aanleg van natuurvriendelijke oevers, het verbreden en verdiepen van de provinciale watergangen

3.4 Landschap en natuurbeheer

Het beleid rond natuur, water en landschap is gericht op verbetering van de leefomgeving van mensen, planten en dieren. De identiteit van een gebied, de bijbehorende biodiversiteit, economische en sociale structuren zijn voor de ChristenUnie leidend bij het maken van afwegingen. Voor het platteland is de land- en tuinbouw de belangrijkste economische motor en sociale drager. Daarnaast speelt het landelijk gebied een essentiële rol als recreatiegebied en als leefgebied voor allerlei planten en dieren. Gevarieerde natuurgebieden en aantrekkelijke landschappen zijn belangrijk voor de recreatie en om iets te herkennen van de manier waarop God de wereld heeft geschapen. De ChristenUnie vindt het belangrijk dat zorgvuldig wordt omgegaan met de inrichting en het beheer van het landelijk gebied.

Een zorgvuldige omgang hoeft echter niet te betekenen dat er geen veranderingen in het landelijk gebied mogelijk zouden zijn. Zeker in stadsranden en bij de uitbreiding van Almere liggen er maatschappelijke opgaven waarvoor de agrarische functie moet worden opgegeven, maar waar ook de agrarische functie gebruikt kan worden voor stadsboerderijen. Ook hier geldt voor de ChristenUnie dat sprake moet zijn en blijven van een zorgvuldige omgang met bewoners en kwaliteiten van het betreffende gebied. Bewoners worden daarom in een vroeg stadium betrokken bij mogelijke ontwikkelingen.

Met het natuurakkoord krijgt de provincie Flevoland nieuwe taken in het natuurbeheer. In Flevoland willen we daarbij zowel aandacht voor beheer van bestaande natuurgebieden als ook de ontwikkeling van Nieuwe Natuur.

Het stikstofbeleid heeft als doel dat de natuur beschermd wordt en de ontwikkeling van veehouderij mogelijk wordt gemaakt. In de Programmatische Aanpak Stikstof moet er sprake zijn van een goede balans tussen natuurprojecten en agrariërs. Voorkomen moet worden dat agrarische bedrijven op slot komen te zitten. De programmatische aanpak stikstof (PAS) maakt ruimte vrij voor meer economische ontwikkeling. Een goede invoering en uitvoering van de PAS is daarom essentieel. De provincies staan wat dat betreft de komende jaren voor een grote opgave in het landelijk gebied. Draagvlak, haalbaarheid en betaalbaarheid van de maatregelen, samen met goede communicatie zullen voorop moeten staan. De ChristenUnie wil dat er ook ruimte blijft voor ontwikkeling van agrarische bedrijven.

Flevoland is oorspronkelijk aangelegd om plaats te bieden aan de landbouw. Hoe deze zich in positieve zin heeft ontwikkeld is inmiddels wereldwijd bekend. De ChristenUnie wil dan ook deze identiteit verder versterken. Waar dat mogelijke is kunnen natuurwaarden ingebracht worden in het bestaande cultuurlandschap. De boer als landschapsbeheerder weet daar als geen ander mee om te gaan. Een passende ondersteuning en vergoeding zijn dan op hun plaats.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die met betrekking tot de verbetering van landbouwstructuur meer regie neemt om landbouwgrond dicht bij de boerderij te krijgen en te houden, de verkeersveiligheid te bevorderen en robuuste natuurgebieden te ontwikkelen.
  2. Een provincie die oog heeft voor de ruimtelijke en sociale kwaliteit van het platteland: zij stimuleert gemeenten en bedrijven om verrommeling tegen te gaan. Ook draagt de provincie zelf actief bij aan het oplossen van vraagstukken rondom stoppende ondernemers en hergebruik van vrijkomende locaties.
  3. Natuurgebieden die worden versterkt door een goed samenspel tussen mens en natuur. Daarom stimuleert de provincie menselijke activiteiten als recreatie of ondernemingen in de natuur die bijdragen aan het behoud en herstel van flora en fauna.
  4. Aantrekkelijke en goed toegankelijke natuurgebieden 
  5. Het stimuleren van agrarisch natuurbeheer en het voortzetten van natuurlijk akkerrandenbeheer

3.5 Faunabeheer en jacht

De mens is in zijn relatie tot de rest van de schepping God verantwoording verschuldigd over de omgang daarmee. De ChristenUnie vindt dat het verantwoord is om jacht toe te staan als onderdeel van goed faunabeheer. Het is een illusie dat we de natuur in Nederland helemaal de vrije hand kunnen geven. Beheer van flora en fauna is nodig om te voorkomen dat bossen verwilderen of een populatie dieren de draagkracht van een veld of groter gebied te boven gaat. Hierbij dient jacht niet als een sluitstuk te worden gezien, maar als een integraal onderdeel van een pakket maatregelen. De discussie over de beste vorm van faunabeheer moet starten bij de draagkracht van een gebied, en de vraag hoeveel schade en natuurlijke sterfte door voedseltekorten we accepteren. De uitkomst daarvan is bepalend voor beheersmaatregelen, waaronder afschot.

De provincie Flevoland krijgt meer verantwoordelijkheden in het beheer van de Oostvaardersplassen. Het is een gebied waar we erg trots op zijn, maar dat ook discussie oproept over bijvoorbeeld dierenwelzijn. De aanwezigheid van grote grazers heeft grote invloed op de biodiversiteit. De ChristenUnie wil dat de populatie zodanig beheerd wordt dat het gebied aantrekkelijker wordt voor andere soorten en de biodiversiteit weer toeneemt. Ook het varieren van het waterpeil komt de biodiversiteit ten goede.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Provincies die in overleg met de Faunabeheereenheden en maatschappelijke organisaties de ruimte krijgen om regionaal maatwerk toe te passen om de impasse na het Ganzenakkoord te doorbreken.
  2. Een regeling die het boeren makkelijker en goedkoper maakt om wildschade te kunnen opgeven.

naar boven

4.0 LANDBOUW EN (GLAS)TUINBOUW

4.1 Landbouw

De ChristenUnie heeft hart voor boeren, tuinders en vissers. Het zijn de ondernemers die zorgen voor de productie van gezond en goed voedsel en die een belangrijke bijdrage leveren aan het beheren en onderhouden van het landschap. Zij werken in sectoren die naar hun aard een nauwe relatie met de schepping hebben. Iedereen, zowel ondernemers als burgers, draagt een verantwoordelijkheid in het produceren en consumeren van voedsel en in het bebouwen en bewaren van de aarde. De ChristenUnie zet zich in voor sterke en gezonde sectoren die verbonden zijn met de samenleving, zodat er draagvlak en waardering is voor deze sectoren.

De agrarische sector is volop in ontwikkeling; schaalvergroting, multifunctionaliteit, energieproductie en dierenwelzijn veranderen de bedrijfsvoering en het landschap. Vanuit de samenleving komt er meer en meer belangstelling voor gezonde en regionaal geproduceerde producten.

Nevenactiviteiten van agrariërs worden door de provincie gestimuleerd. De ChristenUnie geeft alle ruimte aan zorglandbouw, plattelandstoerisme, groene diensten, streekproducten, stadsboerderijen en innovatieve projecten. Hiermee kan een versterking in de relatie tussen stedelijk en landelijk gebied ontstaan. In dat opzicht is er ruimte om meer zelfvoorzienend te zijn, zoals meer agrarische winkels in het stedelijke gebied en participatie van stedelingen in windmolens.

De provincie stimuleert stads- en zorgboerderijen en de combinatie met de teelt van slowfood en streekproducten. Verbindingen worden gezocht tussen ecologische landbouw en zorg.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het bieden van ontwikkelingskansen voor de agrarische sector, waarbij een gezond bedrijfseconomisch perspectief hand in hand gaat met omgevingskwaliteit
  2. Verbreding van de agrarische bedrijfsvoering, bijvoorbeeld door energieproductie of andere nevenactiviteiten
  3. Een provinciale rol bij het onder de aandacht brengen van positieve ontwikkelingen op landbouw- en tuinbouwgebied en de voordelen van regionale voedselproductie
  4. Het schoon en eerlijk ondernemen in de landbouwsector
  5. Het stimuleren van agrarisch natuurbeheer en het voortzetten van natuurlijk akkerrandenbeheer
  6. Behoud en versterking van de agrarische kenniscentra
  7. Het ondersteunen van crossovers tussen de landbouwsector en andere sectoren, bijvoorbeeld economie, natuur, landschap en energie
  8. Sterke stads- en zorgboerderijen in combinatie met ecologische landbouw en zorg (de teelt van slow food) en streekproducten.

4.2 Glastuinbouw, bollenteelt en intensieve veehouderij

De glastuinbouw en bollenteelt zijn ook belangrijk in Flevoland. De provincie zal deze sector ondersteunen en innovatieve en duurzame ontwikkelingen stimuleren. De provincie stimuleert een duurzaam energiegebruik en voorkoming van lichthinder.

De intensieve veehouderij staat voor een grote uitdaging om te voldoen aan de nieuwste eisen op gebied van dierenwelzijn. De ChristenUnie verwacht van ondernemers dat zij aan wettelijke normen voldoen, maar geeft ondernemers daarvoor wel tijd en ruimte. Deze ruimte bestaat ook uit fysieke ruimte door erfvergroting. Voor nieuwe bedrijven geldt dat zij, in aanvulling op de geldende milieuvoorschriften, maximaal één bouwlaag mogen beslaan en er geen sprake kan zijn van nieuwe solitaire bedrijven. Met deze voorschriften is intensieve veehouderij als tweede bedrijfstak op bestaande (gemengde) bedrijven mogelijk.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het versterken van de innovatieve kracht van de glastuinbouw, bollenteelt en boomkwekerijen op de terreinen van teelt, transport, onderzoek, kennis en arbeid.
  2. Het creëren van randvoorwaarden om een goede bedrijfsvoering mogelijk te maken.

4.3 Bedrijfsgrootte

Wat de ChristenUnie betreft is het belangrijk dat de boer de ruimte krijgt voor een gezond agrarisch bedrijf. Opschaling in de landbouw is een proces dat al jaren bezig is. De ChristenUnie laat het aan de boer over om soort en grootte van het bedrijf te kiezen. Het is aan de gemeentes om te zorgen dat er stallen worden gebouwd die passen in het landschap. De provincie kan grenzen stellen aan de grootte van het bouwblok. Wat de ChristenUnie betreft wordt hierbij altijd gekeken naar verbetering van dierenwelzijn, duurzaamheid en vermindering van de milieubelasting. Grondgebondenheid is een belangrijk criterium voor de ChristenUnie.

Agrarische schaalvergroting, milieukwaliteit en dierenwelzijn worden vaak als tegenstrijdigheden gezien. De ChristenUnie is van mening dat schaalvergroting niet ten koste hoeft te gaan van milieukwaliteit en dierenwelzijn. Ondernemers moeten de mogelijkheid krijgen hun agrarische activiteiten uit te breiden als ze daarmee bijdragen aan het milieu en dierenwelzijn. Zij in de eerste plaats hebben een verantwoordelijkheid voor de omgeving waarin ze werken.

Er zullen steeds vaker agrarische opstallen leeg komen te staan. Het is zeer gewenst dat de provincie samen met de gemeenten een plan opstelt om de leefbaarheid en kwaliteit van de leefomgeving te waarborgen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Voldoende bedrijfsgrootte voor een economisch gezond agrarisch bedrijf.
  2. Een zodanige verdeling bij de programmatische aanpak stikstof (PAS) dat agrariërs voldoende ruimte overhouden om te kunnen ondernemen.
  3. Ruimte voor hergebruik van leegstaande en leegkomende boerderijen, zodat leefbaarheid en kwaliteit van de leefomgeving gewaarborgd blijven.

4.4 Jonge landbouwers

De Jonge Landbouwersregeling wordt een verantwoordelijkheid van provincies. De ChristenUnie is van mening dat er voor jonge boeren en tuinders een sterke (provinciale) regeling moet zijn die hun bedrijven versterkt zodat zij toekomst hebben in Nederland.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die de jonge boeren en tuinders ondersteunt zodat deze in ons land een goede toekomst kunnen opbouwen (versterken bedrijven).

4.5 Visserij

De visserij en visverwerking zijn belangrijk voor Flevoland en in het bijzonder voor Urk. Verduurzaming van de visserij is vanuit ecologisch en economisch perspectief belangrijk. Daar waar subsidies beschikbaar zijn (bijvoorbeeld binnen de Europese Unie) levert de provincie een passende cofinanciering om de visserijsector duurzaam te versterken. Het is een taak van de provincie om samen met andere overheden de sector te steunen om deze belangrijke economische sector binnen Flevoland overeind te houden. Hierbij wordt samen opgetrokken met de andere visserijgemeentes en de Noordzee-provincies.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een sterke visserijsector, waarbij vissers, verwerking en handel nauw samenwerken om op een bedrijfseconomisch en ecologisch verantwoorde manier resultaten te behalen en de werkgelegenheid te kunnen waarborgen.
  2. Een actieve lobby in Den Haag en Brussel in het belang van de visserij, handel en verwerkende industrie.

naar boven

5.0 LEEFOMGEVING, ENERGIE EN KLIMAAT

5.1 leefomgeving

Het milieu-, energie- en klimaatbeleid van de ChristenUnie staat in het teken van de bijbelse opdracht om te bouwen en te bewaren. Wij zijn geen verbruikers van de schepping, maar beheren deze in het besef dat we haar doorgeven aan volgende generaties. Voor ons is duurzame ontwikkeling, een ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generatie zonder dat daarmee de behoefte van toekomstige generaties in gevaar wordt gebracht.

Deze visie bepaalt onze keuzes op het gebied van energie-, klimaat-, milieu- en afvalverwerking. De uitdaging voor de provincie is om de juiste maatschappelijke en economische voorwaarden te creëren voor een verbetering van de economische positie, een gezonder leefmilieu, nieuwe bedrijvigheid en werkgelegenheid. Geen medewerking zal worden gegeven aan de winning van schaliegas. In 2020 moet de provincie Flevoland energieneutraal zijn, wat wil zeggen dat we minstens de hoeveelheid energie produceren die we zelf gebruiken. Nu is dit nog zonder wegtransport, maar ook daaraan wil de ChristenUnie de komende jaren werken.

In de huidige omstandigheden levert windenergie een groot aandeel in de productie van energie. Hoewel windturbines inmiddels bij Flevoland horen is de verrommeling van het landschap door het grote aantal molens ook een ondermijning van het maatschappelijk draagvlak voor nieuwe energie. De ChristenUnie wil daarom het beleid van saneren en opschalen voortzetten: nieuwe molens met een hogere opbrengst worden alleen geplaatst wanneer gelijktijdig oudere turbines worden verwijderd. Daarnaast is er in Flevoland volop ruimte voor andere vormen van energieproductie, zoals bio-energie, zonne-energie en warmte-koude opslag (wko). De ChristenUnie maakt deze en andere innovatieve toepassingen graag mogelijk.

De ChristenUnie ziet geen toekomst voor kernenergie en wil daar dan ook niet aan meewerken.

De provincie draagt zowel binnen als buiten haar eigen grenzen bij aan een betere wereld. Ze houdt in haar beleid rekening met haar maatschappelijke verantwoordelijkheid tegenover huidige en toekomstige generaties. Niet alleen hier, maar ook op andere plaatsen in de wereld. De provincie geeft zelf het goede voorbeeld.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het krachtig voortzetten van de omslag van omvangrijke energiebesparing en omschakeling naar hernieuwbare energie. In 2020 moet Flevoland energieneutraal zijn (exclusief wegtransport)
  2. Het steunene van initiatieven van bewoners- of bedrijfscollectieven voor het decentraal opwekken van energie Dit zorgt voor een betere afstemming tussen energieaanbod en -vraag.
  3. Ruimte voor de productie van duurzame energie uit zon, wind en biomassa.
  4. Het inzetten van de Duurzame Energie- en Ontwikkelingsmaatschappij voor versnelling van de energietransitie in Flevoland
  5. Het tijdig betrekken van omwonenden bij projecten
  6. Geen winning van schaliegas.
  7. Het dereguleren en verminderen van de kosten voor vergunningen voor wko-installaties
  8. Energiezuinige gebouwen die zo klimaatneutraal mogelijk zijn. De provincie geeft hierin zelf het goede voorbeeld door de provinciale gebouwen zo ‘klimaatneutraal’ en energiezuinig mogelijk te maken, het eigen wagenpark elektrisch of op groen gas te laten rijden en bij vervanging van interieur en aanschaf van goederen zoveel mogelijk te kiezen voor duurzaam gemaakte producten (duurzaam inkopen).
  9. Het stimuleren van de inzet van biomassa als energiebron (het hergebruiken van energiebronnen).

5.2 Luchtkwaliteit

De provincie geeft invulling aan de regelgeving van het rijk voor de luchtkwaliteit en aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Europese richtlijnen op het gebied van lucht. De ChristenUnie wil hiervoor strakke plannen en bereikbare doelen opgenomen in het provinciale milieubeleidsplan. Er worden realistische doelen gesteld bij het verbeteren van de luchtkwaliteit door het terugdringen van roet, ultra-fijnstof, uitlaatgassen. In de aanbestedingsnormen voor bijvoorbeeld het openbaar vervoer zullen de maximaal technisch haalbare normen (best beschikbare technologie) worden voorgeschreven.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het voorschrijven van de best beschikbare technologie bij aanbestedingen van bijvoorbeeld het openbaar vervoer.

naar boven

6.0 VERKEER EN VERVOER

Dag in dag uit reizen mensen in de regio naar werk, studie, voorzieningen en familie. De provincie maakt deze verkeersbewegingen mogelijk door middel van regionaal openbaar vervoer en provinciale wegen. Openbaar vervoer en eigen vervoer met de auto en de fiets zijn geen losstaande systemen, maar kunnen elkaar versterken.

Reizigers reizen over grenzen. De ov-verbindingen over provinciegrenzen en landsgrenzen kunnen en moeten nog verbeterd worden. Daarom moeten provincies hun beleid afstemmen over gemeente- en provinciegrenzen heen met andere Nederlandse overheden maar ook met overheden in buurlanden. De ChristenUnie wil dat het reizen in de provincie veilig, vlot en toegankelijk is.

6.1 Openbaar vervoer

Het openbaar vervoer maakt werk, onderwijs en voorzieningen voor een grote groep inwoners bereikbaar. Het openbaar vervoer moet voor zo veel mogelijk reizigers een toegankelijke vervoersvoorziening en alternatief voor eigen vervoer zijn. Dat vraagt om een balans tussen de grootte en frequentie van het vervoersaanbod en de betaalbaarheid. De leefbaarheid van kleine dorpen is gebaat bij een goede verbinding naar voorzieningen in naburige kernen. Het betaalbaar houden van het openbaar vervoer betekent soms dat het niet haalbaar is om in elke kern een ov-verbinding te verzorgen. Waar mogelijk moeten verbindingen met kleine dorpen in stand worden gehouden of moeten volwaardige alternatieven worden geboden. Zoals het stimuleren van lokale initiatieven, zodat bewoners via regiotaxi of buurtbusconstructies toch aansluiting hebben op regionale bus- en treinlijnen.

Het openbaar vervoer moet niet alleen goed bereikbaar en toegankelijk zijn, maar ook veilig, voor zowel de reiziger als het personeel. De ChristenUnie wil dat ook in Flevoland hierover afspraken worden gemaakt tussen vervoerders, provincie, politie en openbaar ministerie.

De komst van de Hanzelijn betekent een flinke uitbreiding van het openbaar vervoer. De capaciteit en kwaliteit van de bestaande verbindingen richting Amsterdam, het Gooi en Utrecht/Amersfoort moet op korte termijn worden vergroot. De ChristenUnie is voorstander van een rechtstreekse spoorverbinding Almere-Utrecht-Breda. Tussen Lelystad, Emmeloord en Noord Nederland moet een hoogwaardige OV-verbinding zijn.

De provincie stimuleert het gebruik van OV en richt zich op efficiencyverbetering, uitbreiding en kwaliteitsverbetering van het bestaande net. In kleine kernen en in het landelijk gebied is vraaggericht OV beschikbaar. In overleg met reizigersorganisaties wordt blijvend geïnvesteerd in de kwaliteit van streekvervoer. Tariefdifferentiatie binnen het openbaar vervoer is mogelijk om het gebruik door doelgroepen of op bepaalde tijden te bevorderen.

De provincie moeten gaan samenwerken met andere provincies om reisinformatie en ov-marketing te verbeteren en te voorkomen dat elke regio hiervoor apart geld uitgeeft.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het verbeteren van de kwaliteit van het openbaar vervoer, onder andere door de sociale veiligheid bij haltes te vergroten en een onafhankelijke klachtenregistratie
  2. Een goede openbaar-vervoer verbinding tussen Lelystad, Emmeloord en het noorden van het land
  3. Goed bereikbare en veilige transferia voor (OV-)fiets, bus en auto
  4. Het gelijktrekken van tarieven op de Hanzelijn; de ChristenUnie blijft er op aandringen dat het tarief voor gebruikers van de Hanzelijn niet hoger is dan tarieven elders in Nederland.
  5. Het beschikbaar hebben van passende en goed betaalbare abonnementen voor frequente gebruikers van het openbaar vervoer, zoals scholieren en forensen.
  6. Een actuele en juiste informatievoorziening voor reizigers. Reizigers moeten met behulp van dynamische reizigersinformatiesystemen en nieuwe technologische toepassingen (voor bijvoorbeeld de smartphone) worden geïnformeerd over actuele vertrektijden.
  7. Het waarborgen van de (sociale) veiligheid van haltes en stations. Ruime haltes en perrons, verlichting en goede fietsvoorzieningen en heldere handhaving dragen hieraan bij.
  8. Het maken van goede afspraken met politie en OM (handhavingsarrangement) om de veiligheid in het ov te waarborgen (tegengaan zwartrijden, geweld tegen reizigers en personeel, vandalisme).
  9. Een goede toegankelijkheid van het openbaar vervoer voor ouderen en lichamelijk beperkten. De informatievoorziening, haltes, stations, bussen en treinen moeten daarop worden ingericht.
  10. Het binnen vier jaar toegankelijke maken van alle bushaltes voor mensen die minder mobiel zijn.
  11. Het realiseren van een NS-station in Lelystad-Zuid en het weer opnemen van Almere Buiten als stopplaats voor intercity’s

6.2 Bereikbaarheid en verkeer

Provinciale wegen verbinden dorpen en steden met elkaar en met rijkswegen. Deze wegen zijn van grote regionale betekenis. Iedere dag reizen vele duizenden reizigers van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat over de provinciale wegen. De provincie heeft de taak om het reizen over de provinciale wegen zo veilig mogelijk te maken en te streven naar een vlotte doorstroming. De ChristenUnie vindt dat er geen concessies mogen worden gedaan aan de veiligheid van wegen. Daarom zetten wij ons onder meer in voor overzichtelijke en ruime verkeerssituaties, gescheiden rijbanen, goede verlichting en de spreiding van vervoersstromen.

Aanleg van nieuwe infrastructuur is noodzakelijk om files op te lossen en de groei van het wegverkeer op te vangen. Bij de groei van Almere hoort voor de ChristenUnie ook een nieuwe weg/spoorverbinding met Amsterdam. Onder voorwaarde van een zorgvuldige landschappelijke inpassing is de ChristenUnie daarom voorstander van een nieuwe verbinding door het IJmeer. De capaciteit van andere, bestaande infrastructuur moet worden vergroot. In het bijzonder denkt de ChristenUnie hierbij aan de spoorlijn Almere-Amsterdam/Schiphol (OV-SAAL) en de wegverbinding A6-A1. Binnen Flevoland is de N23 (inclusief passage Dronten en Roggebotsluis) een belangrijke verbinding die de komende jaren moet worden uitgebreid. De bereikbaarheid van Zeewolde moet voortvarend worden afgerond, zodat het logistieke cluster zich verder kan ontwikkelen en ook de bereikbaarheid van Luchthaven Lelystad op orde is. De ChristenUnie kiest voor verbetering van bestaande wegen boven aanleg van nieuwe wegen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Veilige wegen met goede op maat aangebrachte verlichting.
  2. Het aanpakken van onveilige situaties, zoals oversteekplaatsen op provinciale wegen
  3. Het toepassen van LED-verlichting of actieve wegmarkering en het verwijderen van onnodige verlichting
  4. Het aantrekkelijker maken van de overstap tussen eigen en openbaar vervoer, bijvoorbeeld door het verbeteren van de P+R-mogelijkheden in Dronten en Lelystad
  5. Het aanmoedigen van het gebruik van de fiets, onder andere door aanleg en onderhoud van fietspaden en stallingsmogelijkheden bij OV-opstappunten.
  6. Het aanleggen van een netwerk van snelfietsroutes
  7. Meer aandacht voor het verminderen van geluidhinder langs provinciale wegen

naar boven

7.0 ECONOMIE, TOERISME, ONDERWIJS EN ARBEIDSMARKT

Een gezonde economie heeft oog voor de kansen om te ondernemen op een manier die respectvol is ten opzichte van de werknemers en de schepping. Ook zorgt een gezonde economie voor werkgelegenheid en is daardoor een belangrijke voorwaarde voor burgers om een zinvol leven te kunnen leiden en in hun levensonderhoud te voorzien.

7.1 Economie

In Flevoland zijn nog steeds onvoldoende arbeidsplaatsen voor de beroepsbevolking. Groei van bestaande bedrijven en het aantrekken van nieuwe bedrijven zijn daarom belangrijk. In aanvulling op het lokale beleid van gemeenten richt de provincie zich daarbij op topsectoren en internationale acquisitie.

Ondernemers stellen hoge eisen aan het vestigingsklimaat. Een belangrijk element daarin is de fysieke en digitale bereikbaarheid van de locatie. Infrastructuur, openbaar vervoer en de beschikbaarheid van snelle communicatie-infrastructuur zijn randvoorwaarden waaraan de provincie een bijdrage levert.

Aanleg van nieuwe bedrijventerreinen vindt plaats volgens toepassing van de SER-ladder: intensief ruimtegebruik, duurzaam bouwen, parkmanagement en het opknappen van verouderde bedrijventerreinen zijn daarbij belangrijke criteria. Als gebiedsregisseur plant de provincie de hoeveelheid en segmentering van bedrijventerreinen. Gebiedspromotie ondersteunt het acquisitiebeleid van de gemeentes. 

In de afgelopen jaren heeft de Ontwikkelings Maatschappij Flevoland (OMFL) haar waarde bewezen in het bevorderen van innovatie en ontwikkeling, investeringsbevordering en marketing van Flevoland. De ChristenUnie is voorstander van het continueren van de huidige taken van de ontwikkelingsmaatschappij en sluit op voorhand taakverruiming niet uit. Voor de toekomst is het belangrijk dat de ontwikkelingsmaatschappij zich meer verankert in de Flevolandse samenleving, bijvoorbeeld door ook de gemeentes deel te laten nemen. In een periode waarin ondernemers alle zeilen moeten bijzetten om het hoofd boven water te houden wil de ChristenUnie de structuurversterkende fondsen uitbreiden.

De provincie heeft wat betreft ondernemers en het ondernemersklimaat een faciliterende rol. Gezocht moet worden naar mogelijkheden om samen met ondernemers tot maatwerk te komen dat het ondernemerschap versterkt. De taken van de provincie op sociaaleconomisch terrein zijn het scheppen van voorwaarden voor een optimale ontwikkeling van werkgelegenheid, arbeidsmarkt en bedrijfsleven/ondernemerschap. De provincie zal daarbij initiërend, stimulerend en coördinerend optreden.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een sterke regionale economie met bijbehorende werkgelegenheid, waarbij de provincie investeert in kennis, innovatie en regionale netwerken
  2. Het bevorderen van kansen voor een duurzame economie
  3. Het bevorderen van de regionale economie door in het aanbestedingsbeleid meer kansen te bieden aan het regionale midden- en kleinbedrijf.
  4. Het stimuleren van “eerlijk ondernemen”, bijvoorbeeld op het gebied van aandacht voor werkgeverschap, door het in dienst nemen van mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, het voorkomen van arbeidsuitbuiting.
  5. Het aantrekken en/of creëren van landelijk werkende instellingen en grootschalige voorzieningen
  6. Het voorkomen en afschaffen van tegenstrijdige regels
  7. Kennisuitwisseling en samenwerking tussen onderwijs, overheden, ondernemers en onderzoek.
  8. Een brede aandacht voor lager, middelbaar en hoger opgeleiden.
  9. Het meewegen van het belang van ondernemers bij afwegingen die in ruimtelijke zin gemaakt moeten worden. Dit is belangrijk omdat grond in Nederland een schaars goed is.
  10. Een provincie die zich samen inzet met ondernemers en gemeenten voor een goed gebruik van de schaarse ruimte. Door steun bij het ontwikkelen van binnenstedelijke bedrijventerreinen, gezamenlijke inzet voor hergebruik van kantoor- en bedrijfspanden en door stimulatie om leegstaande kantoorgebouwen een woonbestemming te geven wil de ChristenUnie de ruimte die er is goed benutten.
  11. Het vereenvoudigen van de provinciale regelgeving voor het bedrijfsleven. Wij willen het bedrijfsleven mede verantwoordelijk maken voor het nakomen van een aanvraag i.p.v. het nakomen van een vergunning (toetsen op hoofdlijnen, controle en bijstelling waar nodig achteraf)
  12. Het voorkomen van outletcentra buiten de bebouwde kom. Landschappelijk gezien vormen deze centra meestal een ongewenste inbreuk in het landelijk gebied. De verkeersdruk neemt door de aantrekkingskracht van deze centra vaak ongewenste vormen aan. Het belangrijkste argument tegen deze centra is de concurrentiepositie van de kleine middenstand die door deze centra zwaar onder druk komt te staan.

7.2 Toerisme en recreatie

Toerisme is een belangrijke economische pijler, ook voor het platteland. De provincie stimuleert ook het agro-toerisme. Beleving van het landelijk gebied is niet alleen van belang voor toeristen, maar ook voor recreatie door eigen inwoners. De aanleg van een goed netwerk van fiets-, wandel- en ruiterpaden met een goede bewegwijzering draagt zeker bij aan de aantrekkelijkheid van het landelijk gebied. Voor de realisatie en het onderhoud zoekt de provincie samenwerking met gemeentes, waterschap en terreinbeheerders.

Samen met de gemeentes en de omringende provincies wordt de recreatieve potentie van de randmeren verder ontwikkeld. Hierbij moet evenwicht blijven tussen recreatieve voorzieningen en de ontwikkeling van natuur en milieu. Ook moet er voldoende recreatief openbaar terrein blijven langs de randmeren.

Toeristische informatievoorziening is in de eerste plaats een zaak van het bedrijfsleven en de gemeentes, maar in de rol van initiator en regisseur kan de provincie de samenwerking tussen partijen bevorderen.

In de komende jaren zal er een groeiende groep vitale inwoners gebruik willen maken van voorzieningen op het gebied van sport en cultuur, fietsen, wandelen en andere vormen van vrijetijdsbeoefening zoals het toeristisch gebruik van parken en natuur. Daarnaast is er sprake van een groeiende groep mensen die in de stad wonen en in de buurt van de stad voorzieningen nodig hebben voor ontspanning en vrije tijd.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Positieve aandacht voor toerisme als bedrijfstak. Door de leeftijdsopbouw van de bevolking zijn er meer mensen die vrije tijd te besteden hebben.
  2. Een samenhangend netwerk voor wandelen, fietsen en varen dat goed op elkaar moet aansluiten en goed onderhouden moet worden.
  3. Openstelling van natuurgebieden voor recreatief medegebruik
  4. Het toegankelijk maken van het Flevolandse culturele erfgoed
  5. De mogelijkheden voor ondernemers om op het platteland voorzieningen te treffen voor eet- en drinkgelegenheden. Deze gelegenheden moeten provinciaal gestimuleerd worden.
  6. Het ontwikkelen van goede recreatieve buitensportvoorzieningen zoals ruiterpaden, skeelerroutes en kanoroutes met faciliteiten en voorzieningen voor de gebruikers.
  7. Een goede ontsluiting van het landelijk gebied door het bevorderen en aanleggen van een netwerk van kerk- en klompenpaden, wandelroutes, fietspaden en kanoroutes et cetera.

7.3 Onderwijs en arbeidsmarkt

Ondernemingen creëren toegevoegde waarde, werkgelegenheid en daarmee inkomen. Zij vormen de motor van de economie. Het spectrum van ondernemingen loopt van mondiaal opererende multinationals tot de kleine zelfstandige op de hoek. Dit vraagt specifiek beleid dat rekening houdt met de diversiteit aan ondernemers en ondernemingsvormen. Mede door de toegenomen scholingsgraad van de beroepsbevolking en de stijging van de kosten van arbeid wordt de Nederlandse economie steeds meer een kenniseconomie. Forse investeringen zijn nodig om koploper te blijven (of te worden) op het gebied van innovaties en industrie. Hierin vervullen de mainports een belangrijke rol. De omslag naar kenniseconomie leidt tot een verschuiving van industriële bedrijvigheid naar dienstverlening. Provinciaal wordt uitgegaan van een goede samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid.

De ChristenUnie wil dat de provincie een actieve, verbindende rol heeft in de regionale arbeidsmarkt.

Met de komst van de hogeschool Windesheim in Almere en Lelystad heeft het onderwijsaanbod een enorme impuls gekregen. De provincie zal de komende jaren betrokken blijven bij de verdere ontwikkeling van de hogeschool. De ROC’s worden gestimuleerd hun onderwijsportfolio verder uit te bouwen. In de bestuurlijke contacten met onderwijsinstellingen wordt ook de kwaliteit van het onderwijs en de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt besproken.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die zorg draagt voor een goede analyse van de arbeidsmarkt. Hiermee wordt het onderwijs gestimuleerd om de juiste opleidingen aan te bieden.
  2. Een samenwerking tussen de provincie en ondernemers die zich samen inzetten om de arbeidsmarkt en onderwijs dicht bij elkaar te brengen. Hiervoor wordt enerzijds kennis geleverd en worden anderzijds arbeidsleerplaatsen aangeboden.

7.4 Havenontwikkeling

Zowel in Almere, Lelystad als Urk zijn plannen voor versterking van de watergerelateerde bedrijvigheid. In Flevoland zijn uitstekende faciliteiten voor goederenvervoer over water, en het maritieme cluster op Urk kan verder versterkt worden door de ontwikkeling van een nieuwe servicehaven. De ChristenUnie vindt deze ontwikkelingen belangrijk en wil dat de provincie daar actief aan bijdraagt. Hoe deze bijdrage er uit ziet wordt in goed overleg met de betreffende gemeente bepaald.

Voor een goede bereikbaarheid van havens is aanpassing van het sluizencomplex bij Kornwerderzand noodzakelijk. De ChristenUnie wil dat de provincie dit knelpunt bij het Rijk onder de aandacht brengt en bereid is om hier samen met havengemeenten ook zelf aan bij te dragen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een actieve medewerking van de provincie bij havenontwikkelingen
  2. Het bevorderen van bereikbaarheid over het water
  3. Het ontwikkelen van havenlocatie(s) als multimodale overslagpunten
  4. Het laten opnemen van de huidige corridor (vaarwegen) in het Trans Europese Netwerk

naar boven

8.0 CULTUUR

8.1 Kunst en cultuur

Artistieke kwaliteiten zijn een gave van de Schepper en mogen tot Zijn eer worden ontplooid. Kunsten kunnen het leven en de samenleving verrijken en getuigen van Zijn grootheid. Kunst en cultuur zijn vensters van onze beschaving. Kunst, cultuur en monumenten weerspiegelen onze waarden en normen, onze identiteit als mens, als dorp, stad, provincie of land. Het omvat onder meer beeldende kunst, literatuur, podiumkunst, muziek, monumenten, architectuur en landschapsinrichting. Bibliotheken en musea zijn belangrijke conservators en overdragers van kunst en cultuur.

Kunst en cultuur zijn niet waardenvrij. Artistieke kwaliteiten zijn een gave van de Schepper en mogen tot Zijn eer worden ontplooid. Kunsten kunnen het leven en de samenleving verrijken, maar ook beschadigen. De ChristenUnie vindt dat kunst die oproept tot discriminatie, geweld, godslastering of onzedelijkheid en daarmee mensen of groepen uit elkaar drijft of tegen elkaar opzet niet met publieke middelen bekostigd mag worden.

Flevoland is internationaal bekend vanwege haar landschapskunst. Na afronding van het 7e kunstwerk in de Noordoostpolder wil de ChristenUnie geen nieuwe landschapskunstwerken realiseren.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het bieden van een provinciale infrastructuur die de gemeenten ondersteunt bij het gemeentelijke kunst en cultuur  beleid
  2. Het bijdragen aan of initiëren van kunst en cultuur met een schaal die de gemeentelijke schaal en draagkracht te boven gaat.

8.2 Monumenten

De provinciale overheid heeft een verantwoordelijkheid in het behoud van het culturele erfgoed. Ondanks de jonge ontstaansgeschiedenis van de huidige provincie Flevoland heeft de provincie toch een rijke (cultuur)historie waar we zuinig op moeten zijn. Immers: kennis van onze geschiedenis geeft zicht op de toekomst. Ons gemeenschappelijk verleden als land ontworsteld aan de zee, geeft veel culturele rijkheid. Dit geldt niet alleen voor de zichtbare sporen van ons verleden, maar ook voor geschiedenis die in de ondergrond verborgen is. De provincie beschermt archeologische waarden en maakt deze waar mogelijk toegankelijk of zichtbaar. De ChristenUnie wil de geschiedenis zichtbaar houden; bescherming en het zichtbaar maken van het jonge verleden is een belangrijk speerpunt van het cultuurbeleid.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een initiërende en coördinerende rol van de provincie bij het zoeken van allianties tussen waterschappen, natuurbeheerders en gemeenten om het culturele erfgoed te behouden
  2. Blijvende aandacht voor cultuurhistorisch belangrijke plaatsen, zoals het beschermd dorpsgezicht van Urk en het werelderfgoed Schokland, bouwwerken die in de beginfase van de Zuiderzeewerken een rol hebben gespeeld en archeologie.

8.3 Bibliotheken

De (openbare) bibliotheek draagt bij aan brede maatschappelijke doelen. In eerste instantie zijn gemeenten en de bibliotheken zelf verantwoordelijk voor hun functie voor de samenleving. Dit geldt voor steden, maar zeker ook voor dorpen en kleine kernen. Een bereikbare en betaalbare bibliotheek maakt onderdeel uit van het beleid om te zorgen dat alle burgers kunnen participeren. In de discussie over de noodzaak van een fysieke bibliotheek ten opzichte van een digitale bibliotheek zal deze rol een belangrijk punt zijn. De provinciale rol zal zich beperken tot het ondersteunen van initiatieven om de leefbaarheid in dorpen en kernen te ondersteunen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die gemeentelijke initiatieven ondersteunt om in het kader van de leefbaarheid (openbare) bibliotheekvoorzieningen in dorpen en kernen bereikbaar te houden.

8.4 Regionale omroep

De regionale publieke omroep is belangrijk voor informatievoorziening, en daarmee ook voor het bevorderen van de samenhang binnen Flevoland; de omroep (ver)bindt inwoners van verschillende delen van de provincie met elkaar.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Instandhouding van een herkenbare regionale omroep in Flevoland

naar boven

9.0 SOCIAAL

9.1 Jeugdzorg

Jeugdzorg en sociaal beleid behoren niet meer tot de wettelijke taken van de provincie. De provincies zullen in principe ook geen eigen beleid op deze beleidsvelden ontwikkelen. Ook toezicht op de kwaliteit behoort niet tot de taak van de provincies.

De decentralisatie van de jeugdzorg is vanaf 1 januari 2015 een feit. Het jaar 2015 zal een overgangsjaar zijn, waarin de provincie de vinger aan de pols moet houden en voor gemeenten beschikbaar moet zijn bij (dreigende) knelpunten. Voor de ChristenUnie is loslaten niet hetzelfde als laten vallen of over de schutting gooien, maar (zeker ook) op een passende wijze begeleiden.

Behalve de Jeugdzorg krijgen de gemeenten ook nieuwe taken op het gebied van de zorg. Vanuit haar rol als middenbestuur zal de provincie desgewenst een rol willen spelen als er problemen ontstaan bij de invoering van deze nieuwe taken.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die in de overgangsfase expertise in stand houdt om daarmee de overgang van de jeugdzorg zo soepel mogelijk te laten verlopen.

9.2 Sport

Sport is een mooie manier om door God gegeven talenten te ontwikkelen en de volksgezondheid te bevorderen. Sport is een praktische manier om respectvol met elkaar te leren omgaan.

Sport is geen provinciale kerntaak. De provincie kan een stimulerende en faciliterende rol op het terrein van sport en gehandicaptensport hebben. Deze rol komt tot uitdrukking in het samenbrengen van gemeentelijk beleid. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het afstemmen van accommodaties (wat komt waar) en het stellen van prioriteiten bij subsidiëring van sportactiviteiten.

Voor het faciliteren van de profsport ziet de ChristenUnie geen bijdrage weggelegd voor de provincie Flevoland. De ChristenUnie wil geen overheidsgeld inzetten bij het deelnemen (financieel of anders) aan grootschalige (internationale) sportevenementen die qua uitstraling het niveau van de provincie overstijgen.  

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het stimuleren van lokale overheden om zich (gezamenlijk) actief in te zetten voor gehandicaptensport.
  2. Het realiseren van goede recreatieve buitensportvoorzieningen zoals fiets- en wandelpaden, ruiterpaden, skeelerroutes, kanoroutes met faciliteiten en voorzieningen voor de gebruikers
  3. Het leggen van verbindingen tussen sport en economische ontwikkelingen

9.3 Vluchtelingen

We zijn gezegend met een land waar vrede heerst. Daarom vluchten jaarlijks duizenden mensen naar Nederland omdat ze in hun eigen land vervolgd worden vanwege hun etniciteit, geloof, politieke overtuiging of geaardheid. Gemeenten zijn verplicht een bepaalde hoeveelheid vluchtelingen opvang te bieden, zodat elke gemeente naar draagkracht bijdraagt aan de oplossing van dit landelijke probleem. De provincie ziet toe of gemeenten aan deze verplichting voldoen. Ondanks dat dit een primaire taak van de gemeenten is, moet de provincie dit toezicht actief invullen door te voorkomen dat gemeenten niet aan hun taak kunnen voldoen en door samenwerking tussen gemeenten te bevorderen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie waar gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen en vluchtelingen goede en passende opvang krijgen.
  2. Een provincie die waar noodzakelijk een ondersteunende taak vervult.

naar boven

10.0 BESTUUR EN MIDDELEN

10.1 Bestuur

Het optreden van de provinciale overheid heeft grote gevolgen voor burgers en bedrijven. Dit vraagt om vertrouwen in haar functioneren. Integriteit in het handelen van de provincie en bestuurders is daarom belangrijk.

De ChristenUnie wil dat het salaris van functionarissen in de (semi)publieke sector gematigd wordt en niet hoger is dan dat van een minister (WOPT/WNT-norm). Dit geldt ook voor bestuurders van gesubsidieerde instellingen, voor bestuurders van bedrijven waarvan de provincie aandeelhouder is of voor deskundigen die door de provincie worden ingehuurd.

De Randstedelijke Rekenkamer helpt Provinciale Staten bij haar controlerende taak. De ChristenUnie vind het belangrijk dat dit onafhankelijk gebeurt. Van de rekenkamer verwachten we een efficiënte taakuitvoering.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het open, integer en dienstbaar omgaan met macht en invloed.
  2. Transparante besluitvormingsprocessen.
  3. Integriteit als onderdeel van de wervingsprocedure van personeel en bestuurders.

10.2 Veiligheid

De ChristenUnie wil zich inzetten voor de bloei van de samenleving. Niemand leeft daarin voor zichzelf, maar iedereen is op elkaar aangewezen. Gezinnen, ondernemers, verenigingen, bedrijven, kerken en vrijwilligersorganisaties. Samen willen we leven in verbondenheid, verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Geweld, onveiligheid, criminaliteit, onleefbaarheid en verpaupering moeten krachtig worden bestreden. De ChristenUnie wil een bondgenoot zijn van alle burgers en is tegen een gedoogcultuur, omdat het voor iedereen van belang is dat er duidelijke regels bestaan en dat die ook gehandhaafd worden. Burgers, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties zullen zich samen eveneens verantwoordelijk moeten voelen voor de bevordering van de veiligheid. Een leefbare samenleving vraagt om een sterk normbesef. Bij overheid, bedrijfsleven en bij burgers.

Op het gebied van industrie, landbouw en transport stelt de provincie regelgeving op ter bescherming van het milieu en de volksgezondheid.  Door overleg met de sectoren, duidelijke regelgeving en stringente handhaving moet de kans op rampen zo klein mogelijk worden gemaakt. De provincie ziet toe dat ondernemers hier hun eigen verantwoordelijkheid in nemen. Onveilige situaties kunnen niet worden gedoogd.

Inwoners moeten goed geïnformeerd worden over de risico's in hun woonomgeving en hoe zij zich daar zelf tegen kunnen beschermen.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Toezicht op de naleving van milieu- en veiligheidsvoorschriften en adequaat optreden bij klachten van geur-, licht-, of geluidshinder.
  2. Zeer toegankelijke en actuele informatie over de risico's en maatregelen die inwoners zelf kunnen treffen.

10.3 Financiën

Ook de provincie Flevoland moet haar beleid afstemmen op de beschikbare middelen. Om eigen beleid te kunnen voeren en een goede partner te zijn is een open huishouding en eigen belasting voor de provincie essentieel. De ChristenUnie is een tegenstander van het verhogen van de provinciale belastingdruk en wil de provinciale opcenten op de motorrijtuigenbelasting alleen via indexering verhogen.

Om een ambitieus provinciaal beleid te kunnen financieren, zal de provincie zijn eigen organisatie zo efficiënt mogelijk moeten inrichten. Organisatorische samenwerking met gemeenten en andere provincies kan daar een belangrijke bijdrage in leveren.

Uit onderzoek van de Raad voor de Financiële Verhoudingen blijkt dat de provincie Flevoland nog steeds structureel over minder middelen beschikt dan andere provincies en dat tegelijkertijd meer geld nodig is voor de ontwikkelingen die nog in Flevoland (moeten) plaatsvinden. De ChristenUnie verwacht van het Rijk dat aan deze ongelijkheid een einde gemaakt wordt en wil dat de provincie dit standpunt bij IPO en het Rijk onder de aandacht blijft brengen.

De ChristenUnie geeft veel aandacht aan de lange termijn aspecten van de begroting, zoals goede planning van onderhoudbudgetten en degelijke investeringsramingen. Even belangrijk is het benoemen en beheren van risico’s; de ChristenUnie verwacht daarom een actief risicomanagement. In beleidsnota’s moet helder worden vastgelegd wat de bedoeling is van provinciale financiële ondersteuning en welke effecten van de subsidies verwacht worden.

Organisaties die aanspraak willen maken op (co)financiering en/of subsidie door de provincie Flevoland zullen daarvoor een realistische businesscase moeten overleggen.

Het aantrekken of het beleggen door de provincie van financiële middelen dient bij banken plaats te vinden die maximale zekerheid garanderen. De provincie dient daarbij ook kritisch te zijn op activiteiten van deze bankinstellingen en andere organisaties waarmee de provincie een financiële band heeft. Middelen die de provincie (tijdelijk) niet zelf nodig heeft kunnen worden ingezet als voorfinanciering of worden uitgeleend aan andere overheden wanneer daarmee projecten in de provincie versneld kunnen worden uitgevoerd.

De ChristenUnie wil dat de provincies zich als partner van de gemeente opstelt bij het op orde krijgen en houden van de gemeentelijke financiële huishouding. Dit is een houding van willen meedenken en adviseren. Waar nodig maakt de provincie gebruik van haar wettelijke bevoegdheden in het toezicht op de gemeentelijke financiën.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een provincie die jaarlijks zorgt voor een voor de bewoners inzichtelijke en toegankelijke begroting.
  2. Een jaarlijks structureel sluitende (meerjaren)begroting.
  3. Het benoemen van heldere en na te rekenen (kern)doelen in de begroting
  4. Het hooguit indexeren, dus niet verder verhogen, van de provinciale opcenten.
  5. Het vooraf vaststellen van te verwachten effecten bij subsidieverstrekking
  6. Het driejaarlijks herijken van structurele subsidies op nut en noodzaak voor de samenleving
  7. Een provincie als partner van de gemeente bij het op orde houden of krijgen van de financiële huishouding.

10.4 Interprovinciale samenwerking

Het provinciale beleid en de uitvoering ervan stopt niet bij de provinciegrenzen. Wat de provincie van gemeenten vraagt (samenwerking, afstemming, partnerschap) zal Flevoland ook richting haar eigen buurprovincies moeten doen. Het functioneren en het takenpakket van het Interprovinciaal Overleg (IPO) is aan een herbeoordeling toe. De ChristenUnie wil dat het IPO zich niet alleen als belangenbehartiger richting het Rijk laat gelden, maar veel sterker de onderlinge samenwerking en afstemming zoekt. Hiermee kunnen de provincies zich gezamenlijk sterker profileren als bestuurslaag die ertoe doet.

De ChristenUnie kiest voor:

  1. Een herbeoordeling van het takenpakket van het IPO. Sterkere onderlinge afstemming en samenwerking moeten hoog op de agenda staan.

10.5 Europa

In Europese context nemen regio’s een belangrijke plaats in. Samen met de andere provincies zal Flevoland zich binnen de Europese Unie sterk maken voor de Flevolandse en Nederlandse belangen. Tegelijkertijd mag het als het gaat om de bemoeienis van Europa best wel een ‘tandje minder’. In de afgelopen jaren heeft Flevoland veel gebruik kunnen maken van Europese structuurfondsen. Kansen die er zijn om voor de ontwikkeling van Flevoland gebruik te maken van geld uit Europa worden door Flevoland actief gebruikt, maar het moet geen doel op zich worden.

 De ChristenUnie kiest voor:

  1. Het actief opzoeken en gebruiken van Europese fondsen, onder andere voor verbetering van de leefbaarheid in het landelijk gebied en economische structuurversterking.

naar boven